·        De arts doet halverwege je cyclus een inwendig onderzoek. Daarbij wordt onder andere nagegaan of je geen geslachtsziekte hebt of bloedarmoede.
·        Is alles goed, dan wordt het spiraaltje meestal tijdens of vlak na de menstruatie geplaatst, omdat het dan het makkelijkste gaat. Meestal lig je daarbij op een onderzoeksstoel, met je benen in de beugels. De arts brengt dan een zogenaamde eendenbek in je vagina, waarmee hij of zij de vagina en baarmoedermond goed kan zien. ·        Het spiraaltje wordt ingebracht via een instrument dat lijkt op een rietje. De arts schuift dit in je vagina. Dit komt dan via je baarmoedermond in de baarmoeder terecht. Dit is vaak eventjes onaangenaam.
·        Enige weken na plaatsing moet je terug komen voor controle.
·        Je moet regelmatig controleren of het spiraaltje niet is uitgestoten. Dit doe je door met een vinger in je vagina te gaan. Er hangen namelijk twee draadjes uit de baarmoedermond in je vagina, die je kunt voelen.

  Auf Deutsch, In English

© Op de inhoud en vormgeving van deze site berust auteursrecht.
De adviezen zijn vrijblijvend. Ga met medische problemen naar je huisarts.